Persoonlijk

Mijn eetstoornis verhaal, het herstel

In de afgelopen weken heb ik een boekje open gedaan over mijn eetstoornis verhaal. Heel persoonlijk en buiten mijn comfort zone, maar het voelde goed om te doen. En wat ben ik overigens blij dat ik besloot om mijn verhaal met jullie te delen. In het eerste deel vertelde ik over het onstaan van mijn eetstoornis en in deel twee over het verloop hiervan (Mocht je deze nog niet hebben gelezen, raad ik je aan om dat eerst te doen. Dat maakt deze laatste blog beter te begrijpen). Op beide blogs heb ik zo veel lieve, positieve reacties ontvangen waar ik jullie zo dankbaar voor ben! Het voelt dan ook heel fijn om vandaag het laatste deel van mijn eetstoornis verhaal te delen: het herstel.

Disclaimer

Net als bij het eerste deel, wil ik ook graag bij dit laatste deel een disclaimer geven. Waar een eetstoornis door iedereen op een andere manier wordt ervaren, is het herstelproces voor iedereen ook anders. Er is geen beste manier om te herstellen, iedereen heeft hier andere behoeften bij. De keuzes die ik heb gemaakt en nu met jullie ga delen, waren voor mij als persoon en qua situatie prima. Ik wil met deze blog dan ook niet laten zien hoe je moet herstellen of je aanzetten om mijn weg van herstel klakkeloos over te nemen, ik wil je laten zien hoe het herstel van een eetstoornis kan verlopen en wat daar de realiteit bij is.

De eerste stap

Zoals ik in de blog over het ontstaan van mijn eetstoornis vertel, ontwikkelde mijn eetstoornis in één jaar tijd. Ik zat in groep acht en er kwamen veel verschillende dingen samen die mij de controle in voeding lieten zoeken. Hoewel ik mezelf toentertijd écht paar maatjes te veel vond, weet ik heel goed dat ik er prima uitzag voor die leeftijd en er niks aan de hand was met mijn gewicht. De kilo’s die er af gingen aan het begin van mijn eetstoornis, waren dan ook vrij snel zichtbaar. Bovendien merkte mijn familie en anderen dat er iets aan de hand was, want ik ging anders om met voeding en sport dan voorheen. Omdat ik jarenlang bij kinderartsen had gelopen voor mijn lengte, besloten mijn ouders vrij snel om de huisarts in te schakelen. Hier was ik alles behalve blij mee, maar ik wist dat ik mezelf hier niet onderuit kon praten. 

Maandelijkse controles

Iedere maand moest ik naar de huisarts, hier werd ik gemeten en gewogen en praatte we kort over hoe het met me ging. Ik had toen nog geen idee dat ik te maken had met eetproblematiek en verklaarde de dokter voor gek toen hij begon over ‘het ideaal beeld dat we in tijdschriften en op sociale media’ zien. Dacht hij nou echt dat ik me daardoor liet beïnvloeden? Iedere maand keek ik onwijs tegen de afspraak op. Hoewel ik thuis iedere dag op de weegschaal stond, was ik telkens weer bang dat het nummertje op de weegschaal bij de dokter mij tegen zou vallen. In het begin deed ik er dan ook alles aan om ervoor te zorgen dat dit getal gelijk bleef of zelfs nog lager werd. Al snel merkte ik dat ik hierdoor geen leven had en dat ik van doktersafspraak naar doktersafspraak leefde. Ik besloot even aan te kijken hoe het ging als ik me niet intensief inspande om maar zo licht mogelijk te zijn.

Aankomen

Dit wierp zijn vruchten uiteindelijk af. De eerst volgende keer dat ik bij de dokter kwam, zat er wat gewicht bij. Ondanks het minder dan een kilo was, voelde ik me vies en was ik boos op mezelf. De trotsheid van de dokter en mijn ouders hierover maakte het alleen maar erger. Maar, doordat ik minder mijn best deed om af te vallen, merkte ik wat ik miste. Ik merkte dat ik met zo veel restricties leefde, dat ik hierdoor minder genoot van mijn leven. Door dit inzicht besloot ik mijn restricties vast te blijven houden, maar wel iets aan te komen om zo snel mogelijk weg te zijn bij de dokter. Een jaar later zat ik bijna op een gezond BMI en besloot de huisarts dat het tijd was om mij los te laten. Ik was dolblij dat ik eindelijk af was van deze afspraken en dat ik de regie weer volledig in eigen handen had. Uiteindelijk heeft deze stap van mijn ouders er ook voor gezorgd dat ik nooit op een levensbedreigend gewicht heb gezeten, waar ik ze erg dankbaar voor ben. Maar er was iets wat we na de laatste afspraak bij de dokter niet wisten: de mentale problemen waren met een bijna gezond gewicht niet opgelost.

De regels van thuis

Dat de mentale problemen met de ‘simpele’ aanpak van de huisarts niet opgelost waren, werd vrij snel duidelijk. In mijn tweede blog over het verloop van mijn eetstoornis, deelde ik dat de keuze om naar het vmbo te gaan niet de beste keuze was. Ik voelde me niet op mijn gemak en verloor mezelf volledig in het zoeken naar controle in voeding en sport. Ik viel weer wat kilo’s af en begon last te krijgen van veel lichamelijke klachten. Naar de huisarts wilde ik niet nog een keer, die had ten slotte in mijn ogen niet veel geholpen. Deze keuze vonden mijn ouders prima, maar dan zouden er wel wat ‘regels’ komen: mijn moeder zou mijn bord opscheppen als ik zelf te weinig avondeten pakte, als ik nog meer af zou vallen, moest ik minder gaan sporten en mijn ouders zouden een goed oogje in het zeil houden.

De liefde van mijn ouders
Dankbaar voor de steun en liefde van mijn ouders, iedere dag opnieuw!

Onder het oogje in het zeil houden, viel onder andere het ervoor zorgen dat ik voldoende voedingsstoffen binnen kreeg. En zo kwamen mijn ouders op een dag thuis met vitamine pillen, multi-vitamine voor jongeren. Trots en blij dat ze waren, maar ik kon er alleen maar om huilen. Ik was ervan overtuigd dat die dagelijkse vitamine pil ervoor ging zorgen dat ik aankwam, alsof er zo 2 kilo op werd geplakt. Onzin natuurlijk, want het was met de beste bedoeling van mijn ouders. Zo waren er nog meer dingen die mijn ouders uit liefde deden, maar waar ik het zweet op mijn rug van kreeg. Toch ging het gedurende deze periode steeds beter, omdat ik inzag dat ik zo niet langer verder kon. Uiteindelijk hebben we twee tot drie jaar met zijn drietjes aan geploeterd om uit mijn eetproblematiek te komen en zaten we er als een gezin in. Dit is iets wat de meeste mensen vaak niet realiseren, maar wel degelijk hoort bij de complexiteit van de ziekte. Samen met mijn ouders ging ik regelmatig uitdagingen aan door (voor mij) spannende voedingsmiddelen te delen en door er openhartig over te praten. Zo kwamen er voorzichtig wat kilo’s bij.

Een halve boterham?

Toen ik begin havo 4 mijn grootste terugval kreeg na een atletiekkamp, was ik de weg even helemaal kwijt. Ik voelde me ellendig en snapte niet hoe het opeens zo erg kon zijn. Ik viel opnieuw een paar kilo af en besloot samen met mijn ouders gewoon weer eens naar de huisarts te gaan. Dit keer ging ik alleen, ik was nu ten slotte een stuk ouder. Ik had inmiddels ook een andere dokter, opnieuw een man, die mijn verhaal niet kende. Ik legde het uit en vertelde hem welke steun ik wilde. Nadat ik op de weegschaal had gestaan en ik was gemeten, vertelde hij mij dat hij wel wat tips had. Ik moest meer calorieën gaan eten en dat kon ik onder andere doen met een halve boterham. ‘Een halve boterham?’, dacht ik. Wat moet ik met die andere helft doen dan? Hoe moet ik die dan beleggen? Moet ik die dan wel beleggen? Wat zullen mensen wel niet denken als ik een halve boterham extra eet? Er gingen van allerlei gedachten door mijn hoofd en bij iedere tip die hij gaf, dacht ik na over de mogelijke gevolgen van deze tips. Opnieuw lag de focus op het eten van meer calorieën, terwijl ik me daar alles behalve comfortabel bij voelde (het eten van meer calorieën kan ik veel gevallen wel écht noodzakelijk zijn!).

Zelf herstellen

Het was me duidelijk dat de strategie van de huisarts mij opnieuw niet verder zou helpen. Inmiddels begon ik me steeds meer te verdiepen in voeding en keek ik regelmatig in de keuken als mijn moeder aan het koken was. Als ik de boter of het vlees in de pan zag, liepen de kriebels me over mijn nek en kreeg ik kleine paniekaanvallen. Op internet zocht ik op hoe je gezonder kon eten en wilde dit graag uitproberen. Op een avond waarop ik er, opnieuw, mentaal doorheen zat, ging ik op mijn moeders schoot zitten en zei ik: ‘mam, ik wil dit helemaal zelf aanpakken. Niemand lijkt mij te begrijpen en ik kan ook tegen niemand uitleggen hoe ik me voel en wat er door me heen gaat. Ze begrijpen het gewoon niet. Ik wil het zelf doen.’ Mijn moeder wist hoe moeilijk dit voor mij was, maar steunde mij, samen met mijn vader, volledig.

De keuken in
Ik besloot de keuken in te duiken en dingen te maken waar ik me wel goed bij voelde, daar is nu een passie voor het ontwikkelen van recepten uit voortgekomen!

Om de gezondere recepten en technieken waarop ik op internet las, uit te proberen, kocht ik mijn eerste kookboek. Ik begon te experimenteren met bakken en koken en wanneer er iets lekker uitpakte, kon ik daar oprecht van genieten. Met inderdaad: wanneer er iets lukte. Regelmatig ging een baksel direct de prullenbak in (sorry pap en mam). Maar ook die momenten hebben uiteindelijk bijgedragen aan mijn herstel: soms heb je eenmaal meer van een ingrediënt nodig om iets beter of lekkerder te maken. Dan hoor je te denken aan het lekkere eindresultaat en niet aan de extra voedingswaarden die je toevoegt. En zo was ik 1,5 jaar lang steeds vaker in de keuken te vinden en kreeg ik weer plezier in voeding. Dit, in combinatie met de fijne steun van mijn toenmalige vriendje en vriendinnen, maakte dat het steeds meer de goede kant op ging.

Ik was op

Toch was ik nog niet waar ik wilde zijn. Nadat ik de realisatie had gekregen dat ik in al die jaren last had gehad van een eetstoornis, vielen alle puzzelstukjes samen. Ik keek terug op wat ik al had bereikt en keek naar hetgeen wat nog beter kon. Conclusie: mijn relatie met voeding was nog lang niet wat het moest zijn. Na de zomer zou ik beginnen met mijn opleiding waarbij we in de eerste week een introductieweek hadden. Ik wist zeker dat ik in deze week normaal mee wilde doen met de andere studenten en wilde kunnen genieten van het eten en op dat punt was ik echt nog niet. Toen ik na een barbecue bij vrienden van mijn ouders verdrietig thuis kwam over het kleine beetje dat ik had gegeten en mij moeder bij mij boven kwam om te vragen wat er aan de hand was, besloot ik te zeggen wat ik al een kleine tijd in mijn hoofd had. Ik wilde hulp hebben, echte hulp. Ik kon mijn herstel, die telkens zo op en neer ging, niet meer alleen aan en ik kon het niet meer aan zien hoe veel pijn en moeite ik mijn ouders bezorgde. De dag erna belde mijn ouders de huisarts, waar ik snel terecht kon. Dit keer was het een vrouwelijke arts. We legde mijn verhaal uit en ik werd door verwezen naar een psychologen praktijk met kennis over eetstoornissen.

Psychologische hulp

Hoewel ik graag voor het nieuwe schooljaar hulp wilde hebben, was dit niet mogelijk. Ook ik kwam, net zoals alle andere mensen op zoek naar psychologische hulp, op een wachtrij. Gelukkig was de wachtrij bij deze praktijk ‘slechts’ 4 maanden en kon ik vrij snel beginnen met het traject. In het begin vond ik de afspraken vreselijk en erg confronterend. Ik had nog nooit met iemand gepraat die zo door mijn gedachten heen kon prikken, waardoor ik alleen maar meer op tafel moest leggen. Ik kwam mezelf tegen, puzzelstukjes vielen nog meer samen en ik kreeg steeds de bevestiging dat mijn huidige manier van leven niet was zoals het zou moeten zijn. Na een tijdje gaf ik aan mijn psychologe aan waar ik meer naar op zoek was in mijn therapieën en sloeg de cognitieve gedragstherapie aan. Na een half jaar konden we meer tijd tussen de afspraken plannen en zagen we flinke stappen in mijn herstel. Ik leerde mijn gedachten om te draaien, beter en bewuster voor mijzelf te zorgen en te werken aan mijn geluk, waardoor het rondom voeding en sport ook beter ging. 

Met het gezin

Ook hadden we systeemgesprekken bij deze praktijk. Dit zijn gesprekken waarbij je als een gezin gaat praten met een, vaak andere, psycholoog om elkaar beter te leren begrijpen. Het was tijdens deze gesprekken dat mijn vader voor het eerst inzag wat er precies in mijn hoofd omging en wat leven met anorexia inhoudt. Ieder systeemgesprek moesten we eerlijk en transparant naar elkaar toe zijn over onze gevoelens en gedachten. Gelukkig hebben we hier thuis altijd open over alles gepraat en was dit geen groot probleem, al vond ik het soms wel heel lastig om dingen te zeggen die mijn ouders misschien konden kwetsen. Uiteindelijk hebben de systeemgesprekken de spanning rondom mijn eetproblematiek thuis een stuk minder gemaakt en wist ik ook goed dat mijn ouders mij begrepen als ik zei: ‘het wordt me even te veel’. 

Mijn paradijs
Ik heb me nergens zo gelukkig gevoeld als op Tenerife.

Ondanks de psychologische hulp krachtig was, was het maar van korte duur. Na een jaar moest ik helaas de praktijk verlaten, omdat ik 18 werd. Daarbij zou ik een half jaar in Tenerife gaan wonen voor mijn stage, waardoor de behandeling sowieso op pauze moest worden gezet. Ik had nog niet het gevoel alsof mijn herstel voltooid was, maar ik was er in ieder geval klaar voor om op eigen houtje te leven. In september 2019 vertrok in samen met, nu een hele goede vriendin, naar Tenerife en in februari 2020 kwamen we weer thuis. Vanaf de eerste week wist ik dat ik verliefd zou worden op het eiland en het eiland leven. Ik vond mijn werk (het merendeel van de tijd) geweldig, genoot volop van de zon, zee en het strand en had een leuke groep vrienden gemaakt. Ik zat helemaal op mijn plek en heb me nog nooit zo gelukkig gevoeld. Dit gevoel van geluk, zorgde ervoor dat ik keuzes voor mezelf kon maken en écht kon genieten van dingen. Op het vliegtuig richting huis, stapte er een zelfverzekerdere versie van mijzelf in het vliegtuig en was ik zo dankbaar voor deze geweldige ervaring.

Wat nu?

Echter, bij thuiskomst zag ik voor het eerst mondkapjes. Had ik iets gemist? Ja dus: het coronavirus. Een maand na thuiskomst zat Nederland in lockdown en die viel zwaarder dan verwacht. Aan het begin van de lockdown kon ik alleen nog maar denken aan bewegen en eten. Samen met mijn ouders besloot ik dat ik nog niet aan het einde van mijn herstel was en wilde ik opnieuw naar een psycholoog. Helaas waren de wachtrijen overal flink opgelopen en kon ik pas in de zomer ergens terecht. Tegelijkertijd wist ik ook heel goed dat ik geen behoefte had aan wekelijkse gesprekken en te veel poespas. Ik wilde gewoon af en toe mijn hart kunnen luchten, me begrepen voelen en doelen kunnen stellen om naartoe te werken. Ik melde me bij wat klinieken aan, maar kreeg drie keer te horen dat ze me hiermee niet konden helpen. Duidelijk.

FullCharge

Toen ik rond juli mijn zoektocht op had gegeven en had besloten dat ik het dan ‘wel weer zelf zou doen’, kreeg ik een geweldige mail in mijn inbox. Via It’s about health mocht ik het toenmalige programma van FullCharge* volgen en hier content over maken. Ik volgde Estrella al een hele tijd en had (en heb nog steeds) veel bewondering voor haar en de dagelijkse inspiratie die zij geeft. Ik wist direct dat deze aanpak naar een gelukkiger, bewuster leven dé aanpak was die ik zocht en nodig had. Zonder een moment te twijfelen ging ik de samenwerking aan en werkte ik in vijf maanden tijd naar een nieuwere versie van mezelf. Iedere dag zette ik onbewuste stappen en leerde ik hoe ik beter voor mijzelf kon zorgen. Het was het stukje zelfliefde dat nog miste om mijn eetproblematiek nog beter achter me te kunnen laten. 

Opnieuw mijn eigen weg
Wat ben ik blij met de persoon die ik tot nu toe ben geworden!

Nadat ik in november 2020 klaar was met de FullCharge challenges, besloot ik de geleerde lessen en opdrachten dagelijks mee te nemen. Tot op de dag van vandaag heb ik iedere dag bewust aan mezelf gewerkt en zit ik op dit moment erg goed in mijn vel. Hoewel ik weet dat er nog steeds aandachtspunten zijn, ken ik mijn eetstoornis nu beter dan ooit en weet ik precies waar mijn aandachtspunten liggen. Aan deze punten wordt gewerkt en zal ook nog steeds gewerkt moeten worden, maar dat doe ik opnieuw op mijn eigen manier. Het gevoel van geluk, de groei in zelfvertrouwen, mijn lieve ouders, familie en vrienden om mij heen en de dagelijkse support die ik van jullie via mijn socials krijg, zijn mijn blokken om op te bouwen. Ja, soms zit er nog een mindere dag tussen, dat hoort. Maar ik kan weer genieten van eten, sporten uit plezier en meedoen met sociale dingen. Na bijna 10 jaar kan ik eindelijk zeggen: ‘Nannique, wat mag je trots op jezelf zijn voor alles waar je jezelf doorheen hebt geslagen, wat je hebt bereikt en op de persoon die je bent. Laat mensen je niet vertellen wat je niet kan, want je kunt alles zolang je er maar in gelooft.’

Bedankt!

En dat is precies wat ik hoop jullie mee hebben te geven met deze serie aan blogs over mijn eetstoornis verhaal. Het maakt niet uit waar je mee te maken hebt of hoe jouw verhaallijn eruit ziet, je bent het waard om weer geluk te vinden. Deze blog toont aan dat het niet met grote stappen hoeft te gaan, het kan ook klein en fijn. Het belangrijkst is dat je achter jouw keuzes staat, omdat ze jouw leven beïnvloeden. Als ik het kan, kan jij het ook!

Als laatst wil ik jullie nogmaals enorm bedanken voor jullie lieve reacties, berichten en support gedurende het schrijven van deze serie aan blogs. Ik vond het van te voren lastig om zó open te zijn over dit deel van mij, maar wat ben ik blij dat ik dit heb gedaan. Voel je vrij om via mijn Instagram stories weer vragen te stellen, zodat ik deze in een IGTV mee kan nemen.

Liefs!

* Wil jij ook aan de hand van simpele challenge naar een gelukkigere, bewustere versie van jezelf werken? Met de code ‘NANNIQUE10’ krijg je 10% korting op iedere FullCharge challenge!

 

6 reacties

Laat een antwoord achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.